Berekening van onderhoudsbijdragen van de ouders in de kindkosten.
HETZIJ door middel van berekeningstools die beschikbaar zijn online bv methode Hobin op echtscheidingsrechtbe, Gezinsbond onderhoudsgeldcalculator,…
HIERNA uitgewerkte voorbeelden met achterliggende uitleg van de methode Hobin - met gebruik van kindrekening waarop ook groeipakket en terugbetalingen worden gestort, en waarme de gewone verblijfsoverstijgende kindkosten wordne betaald.
VOORBEELD 1 (uitgebreide berekening)
1/ Gegevens :
Jan heeft inkomsten van € 4500 en is alleenstaande
Ann heeft inkomsten van € 2500 en is alleenstaande
ze hebben twee kinderen (6 jaar en 10 jaar),
groeipakket van €360 die gestort wordt op de kindrekening
de kinderen verblijven evenveel bij elke ouder.
2/ Totaal van de beschikbare middelen van € 7360 (4500+2500+360)
3/ Schatting van de gewone (verblijfsgebonden en niet-verblijfsgebonden) kindkosten
Hoe ? opbv equivalentieschaal vd gezinsbond of IGAK-tabellen Hobin of…
Volgens principe : hoe meer gezamelijk beschikbare middelen, hoe meer kindkosten / hoe ouder het kind, hoe meer kindkost / hoe meer kinderen, hoe goedkoper per kind
Tabellen Hobin methode : coëfficient voor 2 kids en middelen tussen 6000-8000 = 12.03 / daarin is de coëfficient voor kind 6 jaar 10.89 en voor het kind 10jaar 11.62 / 10.89 + 11.62 = 22.51 / 7360 x 22.51% = 1656€
Schatting kindosten = 1656 €
Daarvan zijn 50%, hetzij €828 gewone verblijfsgebonden kosten (kosten wanneer het kind ergens verblijft voor electriciteit, gas, water, voeding, verzorging,..).
En de overige 50%, hetzij €828 zijn gewone verblijfsoverstijgende kosten (school, kledij, schoenen, hobby, dokter,….).
4/ Verhouding/% van de ouders in hun gezamelijk “vrije” inkomensten,
NA aftrek van een minimum onsamendrukbare basiskost voor elke ouder (1314 als alleenstaande, 657 als samenwonend vlg Hobin bedragzn 2025)
Jan 4500-1314= 3186€
Ann 2500-1314=1186€ 3186+1186= 4372
Jan heeft hierin 72.9% (3186x100/4372)
en Ann 27.1% (1186x100/4372)
5/ bijdrage van de ouders voor de gewone verblijfsgebonden kosten (50% 1656 = 828€)
5.1. Percentage van het verblijf bij elk van de ouders (berekening aantal nachten over jaar)? :
50% bij vader en 50% bij moeder.
5.2. Hoeveel betaalt elke ouder in natura (doordat de kinderen er verblijven) voor de gewone verblijfsgebonden kosten ?
Vader : 828 x 50% = 414€ Moeder : 828 x 50% = 414€
5.3. Voor hoeveel moet de ouder bijdragen in de gewone verblijfsgebonden kosten (cfr aandeel in gezamelijke inkomsten na aftrek leefloon) ?
Vader 72.9% => 828 x 72.9% = 604€
Moeder 27.1% => 828 x 27.1% = 224€
5.4. Vader betaalt dus 604-414= 190€ te weinig.
Moeder betaalt dus 414 - 224 = 190€ te veel in natura .
5.5. Vader betaalt een onderhoudsbijdrage voor de kinderen aan moeder van 190€.
6/ bijdragen van de ouders voor de gewone verblijfsoverstijgende kosten (1656 x 50% = 828€).
De overheid draagt bij met het groeipakket voor 360€, rest een bedrag van 468€.
Vader draagt bij voor 72.9% van de kosten : 468 x72.9% = 341€
Moeder draagt bij voor 27.1% vd kosten : 468 x 27.1%= 127€
7/ Maandelijks via de kindrekening :
Groepakket op kindrekening : 360€
Vader op kindrekening : 190 (verschil bijdrage verblijfskosten) + 341 (verblijfsoverstijgende kosten) = 531€ te storten
Moeder op kindrekening : -190 (verschil bijdrage verblijfskosten) + 127 (verblijfsoverstijgende kosten) = - 63€ af te halen
8/ Rekenproef “bijdragen naar verhouding van de inkomens”
Vader betaalt : 414 (natura) + 190 + 341 = 945
Moeder betaalt : 414 (natura) - 190 + 127 = 351
Totaal betaalde kindkosten : 945+315 = 1296
Vader aandeel in gezamelijke “vrije” inkomsten 72.9% en aandeel in kindkosten 72.9% (1296 x 72.9% = 945)
Moeder aandeel in gezamelijke “vrije” inkomsten 27.1% en aandeel in kindkosten 27.1% ( 1296 x 27.1% = 351)
9/ De buitengewone kosten worden door de ouders in dezelfde voormelde verhouding betaald :
72.9% vader en 27.1% moeder
10/ de bijdragen worden best jaarlijks geïndexeerd en worden bij substantiële wijziging van de inkomens van de ouders of leefsituatie (alleenstaand, samenwonend) herzien
VOORBEELD 2 (kort)
gegeven :
ouder 1 : maandinkomen (inclusief forfait voor bedrijfswagen en tankkaart) 2600,- / alleenstaand
ouder 2 : maandinkomen (inclusief maaltijdcheques forfait) 2400,- / samenwonend
2 kinderen : 3 jaar en 5 jaar groeipakket op kindrekening : 360,-
verblijfsregeling : 50/50
Berekening Hobin methode :
Schatting gewone kindkosten :
voor gezamenlijk inkomen 5360€ (tussen 4000 en 6000€) en 2 kinderen : coëff 12,21 // coeff kind1 10,88 en coëff kind2 10.88 // 10.88 + 10.88 = 21.76% x 5360 = 1166€
1/gewone verblijfskosten (50% van 1166 = 583,-) : ouders betalen in natura wanneer kinderen bij hen verblijven EN ouder1 krijgt 44,- van ouder2
2/ gewone verblijfsoverstijgende kosten (583/maand) worden maandelijks gestort op de kindrekening : groeipakket (360,-) EN van ouder1 (94.5,-) EN van ouder2 (128,-)
3/ buitengewone kosten : volgens aandeel in vrije gezamelijke inkomens : ouder1 betaalt 42.5%% en ouder2 betaalt 57.5%
4/ rekenproef
ouder1 betaalt : 291.5 (natura) - 44 + 94.5 = 342
ouder2 betaalt : 291.5 (natura) + 44 + 128 = 463.5
Totaal betaalde kindkosten : 342 + 463.5 = 805.5
ouder1 aandeel in gezamelijke “vrije” inkomsten 42.5% en aandeel in kindkosten 42.5% (805.5 x 42.5% = 342)
ouder2 aandeel in gezamelijke “vrije” inkomsten 57.5% en aandeel in kindkosten 57.5% (805.5 × 57.5% = 463.5)
Uitleg : ouder2 heeft een iets lager maandinkomen maar woont samen en heeft aldus de helft minder niet-samendrukbare minimumleefkost waardoor hij/zij een iets hoger aandeel heeft in de gezamelijke middelen beschikbaar voor de kinderen en in de bijdragen voor kindkosten.
VOORBEELD 3 (kort)
gegeven : ouder 1 : maandinkomen (inclusief forfait voor bedrijfswagen) 2800,- / ouder 2 : maandinkomen (inclusief maaltijdcheques forfait) 2800,- / beide ouders alleenstaand / 2 kinderen : 3 jaar en 5 jaar / groeipakket op kindrekening : 360,- / verblijfsregeling : bij ouder1 70% van de tijd en bij ouder2 30% van de tijd
Berekening Hobin methode
1/gewone verblijfskosten (648,-) : ouders betalen in natura wanneer kinderen bij hen verblijven EN ouder1 krijgt 130,- van ouder2
2/ gewone verblijfsoverstijgende kosten (648/maand) op kindrekening : groeipakket (360,-) EN van ouder1 (144,-) EN van ouder2 (144,-)
3/ buitengewone kosten : ouder1 betaalt 50%% en ouder2 betaalt 50%
4/ rekenproef :
ouder1 betaalt : 454 (natura 70% v 648) - 130 + 144 = 468
ouder2 betaalt : 194 (natura 30% v 648) + 130 + 144 = 468
Totaal betaalde kindkosten : 468 + 468 = 936
ouder1 aandeel in gezamelijke “vrije” inkomsten 50% en aandeel in kindkosten 50% (936 × 50%= 468)
ouder2 aandeel in gezamelijke “vrije” inkomsten 50% en aandeel in kindkosten 50% (936 × 50%= 468)
Uitleg : ouders hebben zelfde inkomen, beiden alleenstaand, kinderen verblijven iets meer bij ouder1
Ouders kunnen anders afspreken.
De ouders kunnen afspreken om op een andere manier bij te dragen in de kindkosten. Ze motiveren waarom ze afwijken van de regel dat ouders bijdragen in verhouding tot hun inkomens, hoe elke ouder dan bijdraagt in de kindkosten en hoe rekening wordt gehouden met het belang van de kinderen.
BV een ouder stelt een huis kosteloos ter beschikking van de andere ouder die alle gewone verblijfsoverstijgende kosten op zich neemt; de buitengewone kosten worden gedeeld met 20% voor de ene ouder en 80% voor de andere ouder.
De kindrekening wordt gespijsd met de bijdragen in de gewone verblijfsoverstijgende kosten en het groeipakket. Op sommige momenten zal het bedrag dat op de kindrekening staat niet volledig opgebruikt worden, op andere momenten bv bij seizoenswisseling en nood aan nieuwe kledij/schoenen, en in september met de nieuwe schoolbenodigdheden en inschrijvingen voor vrije tijdsactiviteiten, zal het bedrag nuttig kunnen gebruikt worden.
OPGELET soms zeggen ouders : ”we verdienen elk genoeg, de kinderen verblijven bij elk de helft van de tijd, we betalen dus elk de helft van de kindkosten” dan betalen de ouders vaak niet in verhouding tot hun inkomen. Zolang de inkomens voldoende hoog zijn en het belang van de kinderen niet geschaadt wordt, kan dit. Maar bij lagere inkomens kan een ouder in financiële moeilijkheden geraken en dat is nefast voor de kinderen.
Voorbeeld : Gegeven : ouder1 3800,- / ouder2 3000,- / beiden alleenstaande / 2 kinderen 6jaar en 10jaar / groeipakket 360,- / verblijfsregeling 50/50
Kindkosten volgens Hobin geschat op 828,-. Gewone verblijfskosten 414,- en gewone verblijfsoverstijgende kosten 414,-.
In dit scenario betaalt elk van ouders €414 in natura voor de verblijfskosten als de kinderen bij hem/haar zijn; en storten ze elk €234 (828-360=468:2= 234) op de kindrekening voor de verblijfsoverstijgende kosten. In totaal kindkosten voor elke ouder (414 + 234 = ) €648
Op het inkomen van ouder1, na aftrek basisleefkost alleenstaande, is dit 26% (648 x100: (3800-1300)).
Op het inkomen van ouder2, na aftrek basisleefkost alleenstaande, is dit 38% (648 x100:(3000-1300)).
Ouder2 betaalt dus in verhouding tot de beschikbare inkomens meer dan ouder1.
Bij lagere inkomens kan een ouder zo in de problemen komen.
NB
De methode Hobin is minder geschikt voor heel lage inkomens.
Bij heel hoge inkomens gaan de kindkosten bij de methode Hobin in verhouding naar omhoog - bij de onderhoudsgeldcalculator van de gezinsbond of de pareto calculator kunnen de gewone nietverblijfsgebonden kosten gewijzigd worden naar de gemiddelde bedragen voor gemiddelde inkomens.
(in de methode Hobin, kan worden bepaald dat één ouder de meeste gewone verblijfsoverstijgende kosten betaalt en de andere ouder hiervoor bijdraagt door een betaling aan die ene ouder - persoonlijk vind ik het gemakkelijker dat de verblijfsoverstijgende kosten betaald worden met de kindrekening waarop beide ouders hun bijdragen voor deze kosten storten)
(in de methode Hobin, kan voorzien worden dat een ouder het groeipakket ontvangt, dit wordt dan verrekend met de onderhoudsbijdragen - ik vind het gemakkelijker dat het groeipakket op de kindrekening wordt gestort en in mindering komt van de bijdragen van ouders in de gewone verblijfsoverstijgende kosten)