“Ouders dragen bij in de kosten van de kinderen in verhouding tot hun inkomsten.”
Wat is het aandeel van een ouder in de gezamenlijke middelen en dus zijn aandeel in de kindkosten?
Berekeningsmethode
1/ Bepalen van de inkomens/bestaansmiddelen van elke ouder (hoe? zie hier)
BV voor ouder1 : 3000€ en voor ouder2 : 4000€
2/ Aftrek van een minimum bedrag :
Een onsamendrukbare minimum basis leefinkomen voor elke ouder; bedrag dat niet beschikbaar is om onderhoudsgeld te betalen.
In de methode Hobin is dit voor een alleenstaande 1314€ en voor een samenwonende 657€
(bedragen voor 2025; worden elk jaar wat aangepast).
Soms wordt het bedrag van de hypothecaire woningkrediet of de huur van de woning gebruikt.
BV ouder1 alleenstaande 3000- 1314= 1686€ en ouder 2 samenwonend 4000 – 657 = 3343€
3/ Gezamelijke beschikbare inkomens = 1686 + 3343 = 5029€
4/ Aandeel hierin van elke ouder
aandeel ouder1 : 1686 x 100 / 5029 = 33.5%
aandeel ouder2 : 3343 x 100 / 5029 = 66.5%
5/ Besluit :
Ouder1 draagt best bij voor 33.5% van de kindkosten
Ouder2 draagt best bij voor 66.5% van de kindkosten